Aanmelden
Jan Bluyssen > school > de vorm van onderwijs
hoe werkt de school
 

 

 

Vorm van Onderwijs

Waar de school voor staat

Met het logo van onze school onderstrepen wij het motto:

“Samen groeien naar zelfstandigheid”.

Wij onderstrepen samen omdat leren een sociaal gebeuren is.
Wij onderstrepen groeien vanwege het het groeien in ontwikkeling.
Wij onderstrepen zelfstandigheid omdat we kinderen leren zelf keuzes te maken.

Uitgangspunten

Op school leren kinderen veel. Om dat leren goed te laten verlopen, is het belangrijk, dat kinderen zich thuisvoelen op school. Daar werken we als leerkrachten aan: bijvoorbeeld door het scheppen van een vriendelijk en veilig klimaat, waarin orde en regelmaat hun plaats hebben.

Je thuisvoelen op school

Leren doe je niet alleen. Daarom leren we kinderen ook samenwerken, verantwoordelijkheid te dragen en naar zelfstandigheid te groeien, rekening te houden met anderen. Leren is een sociaal gebeuren. De een laat wat gemakkelijker weten wat hij wil en kan, een ander heeft daar wat meer moeite mee.
Wij vinden het belangrijk, dat alle kinderen op een goede manier met elkaar omgaan: ieder kind willen we in staat stellen op te komen voor zichzelf zonder een ander tot last te zijn of te kwetsen. Pesten wordt dus niet getolereerd. Daarom hebben we op school regels en afspraken, die we aan kinderen uitleggen en waarin we aangeven waarom dat op school zo geregeld is.
Samen vormen we een grote "schoolfamilie", waarin gewerkt wordt aan een houding van zelfvertrouwen, zelfkennis en positief gedrag, aan vergroting van kennis en vaardigheden zodat kinderen nu en straks zelfstandig, verantwoordelijk, creatief en kritisch kunnen leven in een multiculturele maatschappij.

Je thuisvoelen en leren

We onderzoeken of ieder kind voldoende vorderingen maakt ondermeer met behulp van toetsen van ons leerlingvolgsysteem en observaties. Zo kunnen we heel nauwkeurig bepalen of een kind zich naar verwachting ontwikkelt. Is dat een keer niet zo, dan kunnen wij een aangepast programma samenstellen. Tijdens leerlingbesprekingen, die we regelmatig hebben, komen we er snel achter of het probleem kan worden opgelost.

Niet elk kind leert op dezelfde manier. Daarom differentiëren we. Dat betekent, dat leer- en werkvormen voor het ene kind kunnen verschillen met die van het andere, dat je soms wat sneller of juist langzamer door de leerstof gaat, dat we als leerkrachten aansluiten bij de mogelijkheden van het kind.
Zo werken we in hoeken en met dagtaken in de onderbouw en in de vorm van werkmomenten en met behulp van weektaken in de hogere groepen. De leerkracht kan het kind op deze manier heel individueel (verder) helpen. Ook tijdens de instructie houden we rekening met verschillen: sommige kinderen hebben wat meer uitleg nodig, anderen kunnen met het minimale toe.
Zo zijn sommige kinderen in staat wat sneller door te werken, terwijl andere kinderen wat extra aandacht en bemoediging kunnen krijgen van de leerkracht.

Kinderen horen in een vaste (jaar)groep. Maar we vinden het ook belangrijk, dat ze in aanraking komen met kinderen uit andere groepen om samen te leren. Dat gebeurt bijvoorbeeld in de niveauleeslessen en de handvaardigheidlessen. Dan werken kinderen uit verschillende groepen samen aan hetzelfde onderwerp. Op deze manier leren kinderen veel van elkaar. Natuurlijk helpt de leerkracht waar dat nodig is.

 
 
bewegend potlood