
Als kinderen vier jaar zijn, komen ze onze school binnen. Dan blijkt meteen overduidelijk, dat leeftijd maar weinig zegt over ontwikkeling. De verschillen tussen kinderen zijn vaak enorm. Om met deze verschillen om te kunnen gaan, bieden wij onze kleuters veel ruimte voor spel en hebben we een ruim aanbod aan materialen en activiteiten. We richten ons vooral op de ‘totale ontwikkeling’ van het kind en niet alleen op meetbare prestaties. Naast kennis wordt de kinderen op De Palster ook inzichten en vaardigheden bijgebracht. Naast het cognitieve aspect is er aandacht voor verstandelijke, culturele, sociale, emotionele, lichamelijke en creatieve ontwikkeling. Dit alles gebeurt binnen het al eerder genoemde leerstofjaargroepensysteem. Wij vinden structuur, leiding en een heldere organisatie, gekoppeld aan de voordelen van het zelfstandig werken namelijk een prima combinatie. Dit betekent voor ons, dat de leerlijnen van de methodes centraal staan binnen onze onderwijsleersituatie. Deze benadering wordt gecombineerd met een kindgerichte aanpak. Dit betekent, dat we serieus rekening houden met de talenten, belangstelling, ervaringen, tempo en motivatie van de kinderen.
Kerndoelen
In de Wet op het Primair Onderwijs staat welke vakken de kinderen moeten leren. Bij elk vak zijn kerndoelen geformuleerd. Hierin wordt aangegeven wat de school aan leerinhoud moet aanbieden. Voor het vak rekenen is bijvoorbeeld één van de kerndoelen dat de kinderen eenvoudige hoofdrekenopgaven vlot moeten kunnen uitrekenen. Een voorbeeld van een kerndoel van taal is, dat de leerlingen hoofdzaken uit een informatieve tekst moeten kunnen weergeven. De moderne methoden streven allemaal de kerndoelen na. De inspecteur van het basisonderwijs controleert of de school aan deze doelen voldoet. De kerndoelen liggen op school ter inzage.
Activiteiten voor kinderen
Kleuters
Kinderen in groep 1 en 2 ervaren en ontdekken tijdens hun spel. Vanuit onze uitgangspunten van het Ontwikkelings Gericht Onderwijs (OGO) vinden wij, dat de betrokkenheid van de kinderen, tijdens het werken aan activiteiten groot moet zijn. Verder is het belangrijk dat de activiteiten betekenis hebben voor de kinderen. Dat ze aansluiten bij de belevingswereld van het kind.
De leerkrachten zorgen er tenslotte voor dat de activiteiten aansluiten bij de doelen die we willen bereiken. We proberen steeds een speel-/leeromgeving te scheppen, dat het kind uitdaagt tot het zetten van een volgend stapje. Sommige leerlingen gaan heel vlug en hebben de leerkracht nauwelijks nodig, terwijl anderen het leerproces stapje voor stapje aan de hand van de leerkracht moeten veroveren. Spelenderwijs worden de leerlingen op het goede spoor gezet en gevolgd. Door de kinderen (ook in de hogere groepen) leerstof aan te bieden waar ze aan toe zijn, hopen we hun motivatie te verhogen. De rol van de leerkracht is steeds wisselend, van leiden (voordoen, helpen, samen doen) tot begeleiden (op gang helpen, samen een plan maken, helpen organiseren). We werken vanuit een thema, waarbij de themahoek en thematafel meestal centraal staan. De activiteiten vinden plaats in de kring en in vaste of variabele speelwerkhoeken. Er is een leesluisterhoek, een knutselhoek, een bouwhoek, een ontdekhoek, een spelletjeshoek, een computerhoek, een winkel, een postkantoor of een andere themahoek. Doordat we regelmatig van thema’s wisselen geven wij telkens nieuwe impulsen aan de speel-leer-ontwikkeling van het kind.
Het kind blijft daardoor ondernemend en onderzoekend. Het spel neemt in deze ontwikkeling een belangrijke plaats in, maar ook reken-, gespreks-, constructieve en lees- en schrijfactiviteiten krijgen daarin een vaste plaats. We besteden veel aandacht aan het samenwerken, het leren van elkaar en het goed met elkaar omgaan. In de groepen 3 en 4 ligt het accent van de thema’s meer bij de lees-, schrijf- en rekenactiviteiten, maar ook de spel, constructieve en gespreksactiviteiten komen bij ieder thema aan bod, zodat we een doorlopende lijn krijgen van de groepen 1 en 2 naar de hogere groepen. We werken met een planbord. Op dit bord hangen pictogrammen (foto’s) van de hoe-ken. Elk kind hangt een kaartje met zijn naam op het planbord bij het werkje van zijn keuze.
Wij bieden de kinderen graag een uitnodigende onderwijsleersituatie. Door hen binnen dit proces te stimuleren zullen zij zich bijna automatisch inspannen om op een originele en vindingrijke manier oplossingen voor problemen te bedenken. Zelfwerkzaamheid vinden wij belangrijk om kinderen zelfstandig en onafhankelijk te maken, hen te vormen tot mensen die initiatief nemen, zodat ze bij moeilijkheden een eigen stijl hanteren en zelfvertrouwen hebben.
Groep 3 t/m 8
De basisvakken lezen, taal en rekenen
• lezen
In de groepen 1 en 2 zijn kinderen al met letters bezig; we noemen dit de beginnende geletterdheid. Bij geletterdheid denken we niet alleen aan letters en lezen, maar ook aan het werken met prentenboeken, het naspelen van verhalen, het schrijven van een verslag, een woordmuur, een lees en/of schrijfhoek, een verteltafel, een nieuwsbord etc. Het leren lezen wordt op deze manier voor veel kinderen een natuurlijk proces. Activiteiten van de groepen 1 en 2 gaan door in de groepen 3 en 4 en krijgen daar hun eigen invulling. In groep 3 gebruiken we voor het leren lezen van woorden en letters een methode die uitgaat van het aanleren van een basispakket van woorden en letters. Die woorden worden al snel in korte zinnen geplaatst. Gelijktijdig leren de kinderen schrijven, dit schrijven gebeurt meteen aan elkaar. Later vanaf groep 4 wordt dit technische lezen verder geoefend.
De kinderen bij wie de leesontwikkeling voorspoedig verloopt doen dat met diverse gevarieerde leesvormen. De kinderen bij wie de leesontwikkeling wat trager gaat, krijgen meteen al extra aandacht met de methode ‘Estafette’. Tegelijkertijd besteden we veel aandacht aan het begrijpen van wat kinderen lezen.
Net zo belangrijk is dat kinderen lezen leuk vinden; we lezen daarom voor, houden boekbesprekingen, besteden aandacht aan de kinderboekenweek, bezoeken de bibliotheek, nodigen een bekende jeugdboekenschrijver uit en kinderen lezen regelmatig in boeken die zij leuk vinden.
Het begrijpend lezen start in groep 4. Hiervoor wordt de methode ‘Goed Gelezen’ gebruikt. Naast het achterhalen van de betekenis of de bedoeling van de tekst komt ook het studerend lezen aan bod. Kinderen leren de bedoeling van teksten beter te achterhalen en de informatie wordt dieper verwerkt. Eénmaal per jaar wordt met behulp van ‘CITO Begrijpend Lezen’ getoetst om na te gaan of ook aan de landelijke norm wordt voldaan.
Vanaf groep 4 krijgen kinderen les in leesstrategieën. Hoe moet je een bepaalde tekst lezen? Welke manieren ken je om de inhoud van een tekst te ontrafelen? Kortom: we gaan verder met het aanleren van technieken voor begrijpend lezen en studerend lezen.
• taal
Vroeger was taalonderwijs er vooral op gericht om foutloos te schrijven: veel invuloefeningen en dictees maken was toen het belangrijkste. Nog steeds leren we kinderen foutloos schrijven, maar we besteden veel meer aandacht dan vroeger aan leren praten, luisteren naar wat anderen zeggen en daarop goed antwoorden. We leren leerlingen ook hun eigen mening onder woorden te brengen, zowel mondeling als schriftelijk.
Het schrijven van teksten, dat voor een deel ook op de computer gebeurt, wordt zoveel mogelijk functioneel aangeleerd. Kinderen schrijven teksten bijvoorbeeld binnen het thema waarin ze aan het werken zijn. Onze methode ‘Taaljournaal’ houdt rekening met verschillen tussen kinderen en met hun individuele behoeften. Taaljournaal differentieert binnen de onderdelen taal, spelling en woordenschat naar tempo, taalvaardigheid, leerstijl en interesse. Het biedt niet alleen extra hulp voor meertalige en/of taalzwakke kinderen, maar ook extra uitdagingen voor taalvaardige kinderen.
Een belangrijk en opvallend onderdeel van Taaljournaal zijn de zogenaamde keuzeactiviteiten. Per week werken de kinderen twee dagen aan zelf gekozen activiteiten.
• rekenen
Het rekenen bestond vroeger uit sommen maken, tafels leren, op- en aftelsommen, vermenigvuldigingen, breuken en staartdelingen. Daar moest je maniertjes voor leren. Nu leren de kinderen rekenen door het oplossen van praktische problemen die ze in het dagelijks leven tegenkomen. Onze methode ‘Pluspunt’ doet een krachtig beroep op het inzicht van kinderen. Het gaat er in de eerste plaats om kinderen op een creatieve wijze naar oplossingen te laten zoeken. De uitkomst is natuurlijk ook heel belangrijk, maar goede denkwegen leiden uiteindelijk vanzelf tot goede oplossingen. We proberen kinderen een aantal rekensommen op een handige manier uit het hoofd te leren maken. Voor ingewikkelde bewerkingen gebruiken we soms de rekenmachine. Kernpunten van onze rekenmethode zijn: realistisch rekenen o.a. door te schatten, inzichtelijk rekenen en zelfontdekkend bezig zijn.
Voor kinderen die wat meer moeite hebben met de rekenstof is er in onze methode extra aandacht. Voor kinderen die juist wat meer kunnen, biedt de methode verrijkingsstof. Uiteraard leren de kinderen nog steeds de cijfermatige bewerkingen als optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen.
Maar ook hier geldt dat het op basis van inzicht in de getallen moet plaatsvinden. Als u uw kind wilt helpen, houdt er dan rekening mee dat wij het anders aanleren dan u vroeger gewend was. U kunt altijd de groepsleerkracht om uitleg vragen.
maar we doen nog meer….
• wereldoriënterende vakken
Op De Palster praten we op heel veel momenten met de kinderen over de wereld om ons heen. Het gaat hierbij niet alleen om feitenkennis, maar ook om het aanleren van een juiste houding ten opzichte van de natuur, volkeren in andere landen en onze voorouders. Soms gebeurt dit in aparte vakken aan de hand van een boek, maar vaak ook door middel van klassengesprekken, spreekbeurten, schooltelevisie, krantenberichten, werkstukjes enz.
In de groepen 1 tot en met 4 worden binnen thema’s onderwerpen behandeld die voor jonge kinderen interessant zijn en aan de hand waarvan kennis en inzicht kan worden aangebracht op het gebied van de wereldoriënterende vakken.
In de groepen 5 tot en met 8 worden niet alleen aardrijkskunde, geschiedenis en natuuronderwijs afzonderlijk aangeboden. We leren ze ook om in groepjes onderzoeksvragen te formuleren en zelf op zoek te gaan naar de antwoorden en aan elkaar te presenteren. Hiermee ervaren ook de kinderen de kracht van het ontwikkelingsgericht werken. EHBO krijgt in groep 8 een extra accent als de kinderen onder begeleiding van ervaren EHBO-ers zowel theoretische als praktische oefening krijgen.
• schrijven
In groep 1 en 2 wordt d.m.v. voorbereidende schrijfoefeningen aandacht besteed aan de fijne motoriek, die onontbeerlijk is voor het leren schrijven. In groep 3 wordt tegelijk met het aanleren van de woorden, de desbetreffende schrijfletter aangeleerd, dit afgewisseld met schrijfpatronen. In de onderbouw gebruiken we ook de methode ‘Schrijfdans’, waarbij het oefenen van de motoriek benodigd voor het schrijven op een prachtige wijze geïntegreerd is met het bewegen op muziek. Hierbij worden bijvoorbeeld arm- en handbewegingen die nodig zijn om vloeiende lussen of rondjes te schrijven op speelse manier geoefend. In de bovenbouw krijgen de kinderen ruimte voor het ontwikkelen van het eigen handschrift.
• verkeer
Onze school heeft een BVL-keurmerk: het Brabants Verkeersveiligheids Label. Dit betekent dat we aantoonbaar veel werk maken van de verkeersveiligheid rondom de school en van het verkeersonderwijs in de school. In alle leerjaren wordt aandacht gegeven aan de verkeersopvoeding. Soms als aparte les, vaak ook als onderdeel van een thema. Enkele projecten als oversteken met kleuters, verlichtingsactie, dode hoek project en de fietsvaardigheidskar worden door de ouderwerkgroep georganiseerd.
In groep 7 doen kinderen hun verkeersexamen; dit examen bestaat uit zowel een theoretisch als een praktisch deel, waarbij we van de ouders verwachten dat zij het examenparcours met hun kind oefenen.
• expressie en ateliers
In alle leerjaren wordt aandacht geschonken aan expressieve uitingen. Wij laten het kind bij tekenen of handvaardigheid vaak eerst vrij experimenteren met het materiaal om de mogelijkheden en eigenschappen van dat materiaal te ontdekken. Daarnaast zijn het prikkelen tot creativiteit en het plezier ervaren bij het maken van een werkstuk voor ons belangrijke doelen. De opdrachten die wij geven, worden aangepast aan de individuele ontwikkeling van het kind. Wij bieden ook opdrachten in groepsvormen aan om het samenwerken te bevorderen.
Natuurlijk komen ook dramatische expressie en muziek in het programma van elke groep voor. Het muziekonderwijs wordt gegeven door een vakleerkracht muziek, die de kinderen liedjes aanleert, muziekinstrumenten leert bespelen, improviseert en ze enige muziektheorie bijbrengt.
Het atelier is op onze school een vast moment in de week, waar kinderen -in een blok van enkele weken- heel actief bezig zijn met bepaalde activiteiten. Om kinderen zo optimaal mogelijk te laten werken en zelf het initiatief te laten nemen, moet er niet alleen een rijk aanbod zijn, maar moeten kinderen ook geïnspireerd raken en begeleid worden. Tijdens het atelier hebben wij daarom vaak hulp van ouders die kleine groepjes kinderen begeleiden bij bijzondere activiteiten als timmeren, informatica, koken, fotografie, versieringen maken e.d.
Binnen de ateliers maken wij graag gebruik van bijzondere kwaliteiten, interesses van leerkrachten of ouders om kinderen op een verrassende wijze uit te dagen.
• gym/bewegingsonderwijs
Voor kinderen die lichamelijk en geestelijk volop in ontwikkeling zijn, is het zich kunnen bewegen van groot belang. In onze gymlessen komen zowel spel- als oefenvormen aan bod. In het kader van de hygiëne hebben de kinderen speciale gymkleding aan. Daarvoor brengen de leerlingen mee:
-
gymschoenen, zonder hak en met een schoon loopvlak (om beschadiging van de vloer te voorkomen): geen balletschoenen.
-
korte broek en shirt, hieraan worden geen bijzondere eisen gesteld; een zogenaamd gympakje is ook toegestaan.
De gymlessen worden gegeven in de sporthal Germenzeel. Na elke gymles in de sporthal gaan de kinderen douchen. We maken ook gebruik van de ‘Sportieve School’, een organisatie in Uden die het mogelijk maakt om allerlei sporten structureel aan te bieden.
De kleuters hebben meer tijd ter beschikking voor spel en beweging. Zij kunnen onder meer gebruik maken van de speelzaal in het schoolgebouw. Op advies van de schoolarts sporten zij daar op blote voeten. Voor de kleuters kennen wij ook geen speciale sportkleding, maar wij willen de kinderen stimuleren om de bovenkleding uit te doen en lekker luchtig in de speelzaal in hun ondergoed te spelen. Daarnaast spelen zij dagelijks buiten op hun eigen speelplaats of op het grasveld in het park, waar veel spel en beweging mogelijk is. Wij nemen ook deel aan buitenschoolse sportactiviteiten zoals handbaltoernooi, schoolvoetbal, honkbaltoernooi en het wandelen van de avondvierdaagse.
• zwemonderwijs
Alle kinderen in de gemeente Uden krijgen zwemles in groep 4. Ze worden opgeleid tot minimaal diploma A. Mocht een kind in één jaar zwemonderwijs niet het diploma A behalen, dan is er de mogelijkheid om nog een half jaar in groep 5 zwemonderwijs te volgen. Om het leerproces te versnellen is het erg belangrijk dat kinderen, voordat ze aan het schoolzwemmen beginnen, “watervrij” zijn. Het is hiervoor belangrijk dat uw kind de volgende zaken durft en kan:
-
onder de douche staan
-
bellen blazen in het water
-
met het gezicht onder water gaan
-
eventjes helemaal onder water zijn en daar even blijven
In samenwerking met het zwembad hebben de Udense scholen een zwemprotocol opgesteld, dat met name de veiligheid van de kinderen tijdens het schoolzwemmen waarborgt. Dit protocol ‘Beleid zwemonderwijs basisonderwijs Uden’ ligt op school ter inzage. Bovendien krijgen ouders van kinderen uit groep 4 jaarlijks informatie over het schoolzwemmen.
• burgerschap en integratie
Dit is voor ons geen vak apart. Het zit verweven in methodes als Leefstijl, Katechese en geschiedenis. Democratie, participatie en identiteit krijgen gestalte in onze dagelijkse werkhouding. Met name in de bovenbouw is aandacht voor vraagstukken van oorlog en vrede en vrijheid, bijvoorbeeld door het gebruik van de Anne Frankkrant in groep 8, verkiezingen worden gevolgd en nationale en internationale organisaties worden onder de loep genomen.
• informatica
Evenals in de samenleving neemt de computer ook op onze school steeds meer een duidelijke, structurele plaats in. Wij zien de computer als ideaal instrument om op niveau te kunnen differentiëren binnen de bestaande methodes en om het zelfstandig werken te bevorderen. Het biedt ook volop ruimte voor zelfontdekkend leren (internet, e-mail, projecten, verslagen, werkstukken, presentaties). Computers worden op onze school ook ingezet voor bijv. het automatiseren van woorden en sommen (o.a. tafeltjes) die snel paraat moeten zijn. Daarom werken de kinderen regelmatig individueel of in kleine groepjes in de klas of op de gangen met de computers, waardoor ook het samenwerken tussen de kinderen wordt gestimuleerd. Alle computers zijn aangesloten op een intern netwerk, waarbij tevens ingelogd kan worden op het kennisnet, een speciale internetsite voor schoolkinderen. Het zelfstandig opzoeken van informatie voor spreekbeurten en werkstukken via het internet neemt in de bovenbouw een belangrijke plaats in. Op school wordt een internetprotocol gehanteerd om een veilig gebruik van de computer te borgen. We zien ook de relatieve waarde van deze media en wegen zorgvuldig af of het gebruik van de computer een meerwaarde heeft voor het onderwijs dat wij willen geven.
• cultuur op de basisschool
Cultuureducatie heeft sinds enkele jaren binnen onze school structureel een vaste plaats. De Stichting C verzorgt elk jaar weer een cultureel programma voor alle kinderen van de basisschool. De school maakt gebruik van het basisaanbod, waarbij we de leerlingen dans, drama, beeldende vorming, muziek, architectuur, kunst, literatuur, poëzie, audiovisuele mogelijkheden, geschiedenis, tradities en cultureel erfgoed aanbieden. Door dit aanbod kunnen de kinderen bewust gemotiveerd en gecharmeerd raken om zelf op zoek te gaan naar nog onbekende culturele rijkdommen, persoonlijke beleving en expressiemogelijkheden.
Gedurende de basisschooltijd brengen de kinderen bezoek aan verschillende culturele instellingen zoals Naat Piek, Markant en het Religieus Museum. Daarnaast bezoeken de kinderen een theatervoorstelling, maar zijn ook zelf actief door werkstukken te maken en deel te nemen aan voorstellingen.
• techniek
Bij dit vakgebied willen wij de kinderen in aanraking brengen met wetenschap en techniek, zodat zij hun talenten ontdekken en een positieve houding ten aanzien van wetenschap en techniek ontwikkelen.
Techniekonderwijs is meer dan een stroomkring bouwen of een bouwplaat in elkaar zetten. Het leert kinderen vooral ontwerpen, onderzoeken en ontdekken. Ze proberen dingen uit, stellen vragen, evalueren en gaan actief aan de slag. Techniek sluit dus prachtig aan bij de nieuwsgierigheid, creativiteit en het oplossend vermogen van kinderen. Vanaf groep 1 tot en met groep 8 werken de kinderen individueel of in groepjes met materialen zoals Lego, K’nex, Capsela en Techniek Torens. Onze school is een van de eerste scholen in de regio die met de Techniek Torens ging werken. De komende tijd willen we techniek nog beter inpassen in ons programma.
• levensbeschouwelijke en geestelijke stromingen
Omdat we een katholieke basisschool zijn, gaan we ook gericht om met de geloofsopvoeding. Per schooljaar komt een aantal catecheseprojecten uit de methode ‘Hemel en aarde’ aan de orde. Niet alleen tijdens deze lessen levensbeschouwing, maar ook op andere momenten worden levensvragen op het niveau van de kinderen aan de orde gesteld en bespreken we met hen de christelijke waarden en normen. Met de kinderen van de bovenbouw denken we ook na over andere levensbeschouwingen zoals de Islam en het Hindoeïsme.
• leefstijl
In alle groepen hanteren we de methode ‘Leefstijl’; zie ook hoofdstuk ‘Leefstijl’. In deze lessen besteden we aandacht aan sociaal-emotionele vaardigheden. Alle leerkrachten hebben hiervoor een extra cursus gevolgd en door middel van (les-)materiaal en trainingen worden de kinderen sociaalemotioneel vaardig gemaakt. Het is dus een preventieve methode.
• Engels
In de groepen 7 en 8 wordt Engelse les gegeven. Onze methode ‘Hello You’ spitst zich vooral toe op het luisteren naar en spreken van de Engelse taal. Het lezen en schrijven komt in mindere mate aan bod. Kinderen leren eenvoudige gesprekjes te voeren over allerlei dagelijkse onderwerpen. Het praten met elkaar is het belangrijkste. Hierbij wordt onder meer gebruik gemaakt van t.v.-programma’s. We leggen een basis waarop het voortgezet onderwijs verder kan bouwen.