De Springplank > Schoolinfo > Schoolgids > Diversen
 

 Schoolgids

 

 

Diversen 

 
Over de volgende onderwerpen vindt u in de jaargids nadere informatie:
-   Groepenverdeling
-   Namen- en adressenlijst m.b.t.
·       Schoolbestuur
·       Schoolteam
·       Onderwijs ondersteunend personeel
·       Medezeggenschapsraad
·       Ouderraad
·       Leden diverse werkgroepen
·       Parochiële werkgroepen
·       Diverse instanties
 
 

Vervanging leerkrachten bij ziekte e.d.

Als een leerkracht ziek is, studieverlof heeft, scholing volgt of om en andere reden afwezig is, proberen we haar/ hem zo goed mogelijk te vervangen. Vanwege een groot gebrek aan vervangende leerkrachten, zal dat niet altijd mogelijk zijn. In het uiterste geval zullen we een groep kinderen naar huis moeten sturen; hiervan krijgt u dan schriftelijk bericht. In het beleidstuk Vervanging heeft de SKOGU richtlijnen, een noodplan en protocollen vastgesteld hoe te handelen indien vervanging niet mogelijk is.
 
 
 
Protocol "Naar huis sturen kinderen”
Indien de directie van een school onder het bestuur van de SKOGU zich genoodzaakt ziet om een groep naar huis te sturen vanwege onverantwoorde invulling van de vervanging van de afwezige leerkracht, zijn de volgende voorwaarden van toepassing:
1.   De directie heeft het noodplan ingezet, zoals beschreven in het vervangingsbeleid.
2.   Een groep wordt nooit naar huis gestuurd op de (eerste) dag waarop het probleem zich manifesteert.
3.   De dag, voorafgaand aan de dag waarop een groep thuis kan blijven, wordt benut om de ouders schriftelijk op de hoogte te stellen.
4.   Voor ouders die aangeven hierdoor in ernstige opvangproblemen te komen, wordt samen met de directie van de school naar een oplossing gezocht.
5.   Het aangekondigde “naar huis sturen” is vooraf geaccordeerd door de Algemeen Directeur van de SKOGU.
6.   De inspectie en de aanwezige teamleden worden door de directie op de hoogte gesteld.
7.   Indien binnen een termijn van één maand het probleem zich weer voordoet voor dezelfde groep, zal de directie een andere groep naar huis sturen.
8.   In voorkomende gevallen waarin dit protocol niet voorziet zal er in samenspraak met de Algemeen Directeur en de medezeggenschapsraad, naar een oplossing worden gezocht.
9.   Kinderen van dezelfde groep worden maximaal twee aaneengesloten dagen naar huis gestuurd.
Indien dan nog geen oplossing is gevonden wordt er een andere groep onder dezelfde condities naar huis gestuurd.
 
 
 
De ouders van de kinderen van groep 1 en 2 mogen ’s morgens in de klas blijven als er voor de jarige gezongen wordt. Ze kunnen dan evt. foto’s maken. De jarige mag die dag, samen met een vriendje, het werkje kiezen dat hij/zij het leukst vindt. Er kan dan ook getrakteerd worden. De leerkracht ontvangt dezelfde traktatie als de kinderen. Om 12.00 uur krijgen de kinderen de traktatie mee naar huis. De verjaardag van kinderen in groep 3 wordt evt. in het bijzijn van de ouders gevierd. Voor de kinderen van alle groepen geldt het volgende: Wij vragen uw medewerking om bij voorkeur een gezonde traktatie te geven. Liefst geen snoep, zoals chips e.d. Houd de traktatie gezond en klein en doe er a.u.b. verder ook geen cadeautjes bij. Het moet een aardigheidje blijven.

 

 

 
Adressenlijst groep 1 t/m 8
Aan het begin van het schooljaar is het op onze school een goede gewoonte om alle kinderen een adressenlijst mee te geven, waarop de namen, adressen en telefoonnummers van alle kinderen uit die klas vermeld staan. Mocht u bezwaar hebben tegen dit initiatief, dan kunt u dit bij de directie laten weten. Ouders van tussentijds instromende leerlingen ontvangen ook zo’n lijst.
 
 
 
De conciërge beheert een speciale doos voor gevonden voorwerpen, zoals: kledingstukken, tassen, hand-doeken, gymspullen, sieraden enz.
 
 
 
In de groepen 1 en 2 is het de gewoonte om de ochtend te onderbreken om samen met de kinderen wat te eten. Hiervoor brengen de kinderen een stukje fruit mee van thuis. Wilt u niet teveel meegeven, het is maar een tussendoortje! De kinderen in de overige groepen kunnen eveneens wat fruit meenemen. Op school is er gelegenheid om water te drinken.
Andere dranken of etenswaren zijn niet toegestaan. Indien hiervan op medische gronden moet worden afgeweken dan kunt u contact opnemen met de groepsleerkracht.
 
 
 
Ieder jaar kunt u uw kind opgeven voor een abonnement op één van deze tijdschriften. Bobo is bedoeld voor groep 1 en 2, Okki is bestemd voor groep 3 en 4 en Taptoe is voor groep 5 t/m 8. Het Engelse tijdschrift Hello You is er voor de groepen 7 en 8, evenals National Geographic Junior. De bladen verschijnen iedere veertien dagen. Bij Okki en Taptoe horen ook vakantieboeken. Daarnaast kunnen er ook bestellingen geplaatst worden voor geschikte jeugdboeken genaamd “Boektoppers”.
 
 
 
 
 
 
 
Met ingang van 1 augustus 2006 valt het overblijven onder de verantwoordelijkheid van het schoolbestuur!
 
Rooster
Alle leerlingen van de school kunnen op school overblijven op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag. De school stelt een ruimte beschikbaar.
 
Tijden en kosten
De kinderen kunnen overblijven tussen 12.00 uur en 13.15 uur. De kosten zijn € 1,50 per keer per kind; een strippenkaart van 10 strippen kost € 15,00. De strippenkaarten zijn alleen verkrijgbaar op de, op het maandrooster aangekondigde verkoopdagen.
 
Begeleiding
Alle overblijfkinderen worden begeleid door een overblijfouder die zorg draagt voor de overblijfruimte en die verantwoordelijk is voor de desbetreffende groep kinderen. Het kan voorkomen dat er veel kinderen overblijven. Als het aantal te groot wordt, dan wordt er extra begeleiding ingeschakeld, zodat er per 15 kinderen een overblijfouder is.
 
Eten en drinken
Alle kinderen brengen hun eigen eten/drinken mee, geen koek en/of snoep (liga of peperkoek mag wel!) Tandenpoetsen mag natuurlijk, spullen hiervoor graag zelf meebrengen.
 
Betaling en aanmelding
Aanmelding van kinderen die meerdere dagen per week overblijven geschiedt door afgifte van een briefje met daarop de gewenste dagen van overblijven. Verder dient vermeld te worden:
-     de naam en groep van het kind;
-     telefoonnummer(s) waarop de ouders te bereiken zijn. Voor incidentele overblijvers vragen wij u de naam en de groep van het kind voor 11.00 uur te vermelden op het schoolbord in het overblijflokaal.
Betaling dient op de dag zelf te geschieden of vooruit d.m.v. envelop in de tas of aan de overblijfouder.
 
Huishoudelijke regels
1.   De kinderen van groep 3 t/m 8 gaan om 12.00 uur zelfstandig naar het overblijflokaal. De kleuters (groepen 1 en 2) worden bij hun klas opgehaald.
2.   Het is de bedoeling dat de kinderen gezamenlijk eten.
3.   De kinderen ruimen na het eten hun spullen op en laten het overblijflokaal netjes achter.
4.   Alle kinderen brengen zelf hun tas naar de kapstok bij hun lokaal. Bij goed weer gaan de kinderen na het eten rustig naar buiten. Zij mogen het schoolplein niet verlaten.
5.   Buiten houdt de overblijfouder toezicht, want die blijft verantwoordelijk.
6.   Bij slecht weer blijven de kinderen binnen en kunnen dan kiezen uit de volgende activiteiten: kleuren, tekenen, samen gezelschapsspelletjes doen, spelletjes doen op de spelcomputer, kaarten, sjoelen en spelen met het tafelvoetbalspel. Wij zorgen ervoor dat er voldoende materialen aanwezig zijn. De werkgroep gebruikt eigen materiaal. Het is daarom niet toegestaan om tijdens het overblijven schoolmaterialen te gebruiken.
7.   De overblijfouders dragen alleen zorg voor de overblijfkinderen. Zij kunnen niet verantwoordelijk gesteld worden voor activiteiten van kinderen die op dat moment niet op school thuishoren. Om 13.05 uur gaat de verantwoordelijkheid weer over naar de leerkracht. De overblijfouder controleert of de kleuters weer in hun eigen lokaal aanwezig zijn.
 
Algemeen
-     Deelname is uitsluitend mogelijk voor kinderen die op basisschool “de Springplank” staan ingeschreven.
-     De ouders worden verzocht hun kinderen in te lichten over de huishoudelijke regels die zijn gemaakt. Zij dienen zich hieraan te houden, zodat het overblijven voor iedereen leuk blijft.
-     Regelmatig contact tussen ouders en overblijfouders is belangrijk om het overblijven voor de kinderen op een prettige manier te laten verlopen.
-     Bij het herhaaldelijk negeren door het kind van het gezag van één der overblijfouders, kan na het gesprek met ouders en schoolleiding, tot schorsing van het kind worden overgegaan.
Deze afspraken dienen als grondslag voor alle betrokkenen.
 
 
 
 

Bijlage 2: Constatering en bestrijding van hoofdluis                 

 

 
Hoe krijg je hoofdluis?
Hoofdluis komt zowel bij kinderen als bij volwassenen voor en heeft niets te maken met een slechte hygiënische verzorging. Luizen zijn overlopers. Door met de haren tegen elkaar te komen, kan de luis van het ene hoofd naar het andere overlopen. Ook kan de luis zich via jassen, dassen en mutsen verspreiden. Om te kunnen leven heeft de hoofdluis een mens nodig. Iedereen loopt dus de kans om hoofdluis te krijgen.
 
Hoe zie je of het hoofdluis is?
De hoofdluis heeft een grijze kleur en is 1 tot 3 mm. groot. Het wijfje plakt wel 50 eieren aan de haren, neten genaamd, die na 8 dagen uitkomen. Deze neten zitten vlak bij de hoofdhuid stevig aan het haar vast. Ze lijken op roos maar je kunt ze niet weg borstelen wat met roos wel mogelijk is. Ook zien we dat neten vaak de kleur van het haar aannemen terwijl roosschilfertjes wit van kleur zijn. De luis houdt zich in leven door bloed te zuigen uit de hoofdhuid. Door dit bloed zuigen krijg je jeuk, waardoor je gaat krabben. Het krabben veroorzaakt weer hoofdwondjes, infecties en korsten op het hoofd.
 
Hoe behandel je hoofdluis?
Er zijn twee mogelijkheden:
1.   De Nisska-kam: Met deze kam, ook wel netenkam genoemd, verwijdert u luizen en neten uit de haren. Maak het haar nat met een mengsel van water en azijn en kam het plukje voor plukje vanaf de hoofdhuid heel goed door.
Dit is een heel precies werkje, blijf regelmatig kammen tot alle neten verwijderd zijn. Zowel de stofkam als de Nisska-kam wordt gebruikt met een ingeschoven gaasje. Na ieder gebruik moet het gaasje vervangen worden en moet de kam goed gereinigd worden in een afwassopje. De Nisska-kam kan niet tegen vuur of tegen schoonmaken met een speld. De behandeling met deze kam dagelijks herhalen gedurende twee weken. Daarna wekelijks blijven controleren met een stofkam.
2.   Bestrijdingsmiddelen: Bij het gebruik van deze middelen gelden de volgende regels:
-   Lees goed de bijsluiter. Na het gebruik van sommige bestrijdingsmiddelen is het verstandig om evt. zwemlessen tijdelijk te staken omdat de chloor in het zwembad de behandeling opheft.
-   Houd de flesjes uit de buurt van kinderen; wees voorzichtig met vuur (sigaret en waakvlam van de geiser).
-   Bescherm de ogen met bv. een washandje.

Na de behandeling is het van belang om het haar gedurende twee weken dagelijks te kammen met de Nisska-kam. Want het is mogelijk dat de neten niet allemaal dood zijn; er kunnen dan nog nieuwe luizen uitkomen. Daarom moet na 8- of 10 dagen de behandeling herhaald worden. Daarna zijn de neten dood. Ze blijven echter wel aan de haren plakken en zijn alleen te verwijderen met de Nisska-kam of ze moeten op lange termijn uitgroeien. Om dan een bestrijdingsmiddel te gebruiken is overbodig.
 
Gebruik de bestrijdingsmiddelen alleen als uw kind hoofdluis heeft en niet om hoofdluis te voorkomen!
 
Om herbesmetting te voorkomen is het belangrijk dat kleding en beddengoed gewassen wordt op een temperatuur van minimaal 60° C. Spullen die niet kunnen worden uitgewassen, dienen minimaal 1 week in een goed afgesloten plastic zak te worden opgeborgen!!! Denk hierbij ook aan haarspeldjes en elastiekjes, knuffelbeesten, mutsen, dassen etc.
Eventueel kunt u contact opnemen met de sociaalverpleegkundige van de GGD/JGZ mevr. Habiba El Yachouti (tel. 0900-4636443), die dan persoonlijke hulp kan bieden aan ouder(s)/verzorger(s), indien zij dit zelf wensen.
 
Hoe voorkom je hoofdluis?
Tracht besmetting te vermijden. Gebruik niet elkaars muts, jas, das, kam en haarspeld. Het belangrijkste is om wekelijks bij uw kind(eren) te controleren of er luizen zijn opgedaan. Deze zijn te vinden door met een gewone stofkam vanaf de hoofdhuid door het haar te kammen boven een stuk wit papier, of boven de wasbak. Neten zitten vooral vast aan de haren in de nek en achter de oren. Om luizen en/of neten op te sporen hoeft niet altijd een luizenkam gebruikt te worden; door regelmatig het haar goed na te kijken kom je al heel ver!
 
Informatiebronnen
Verdere informatie kunt u krijgen bij de apotheek/drogist. Op school kunt u de informatiemap inzien. Hierin vindt u algemene informatie over hoofdluis en daarnaast ook voorbeelden van de verschillende bestrijdingsmiddelen. Op internet kunt u de site www.hoofdluizen.net raadplegen.
 
 
 
 

Bijlage 3: Klachtenprocedure

 
 
Per 1 augustus 1998 zijn scholen in het kader van de kwaliteitswet verplicht een klachtenregeling te hebben voor alle mogelijke klachten die op een school kunnen afkomen: machtsmisbruik, waaronder seksuele intimidatie, discriminatie en agressie. Tevens kunt u met onderwijskundige zaken terecht bij de leerkracht of directie. De SKOGU en de schoolorganisatie zijn met één model klachtenregeling gekomen.
Voor klachten aangaande machtsmisbruik kan men terecht bij de contactpersonen van de school. Zij weten hoe de procedure binnen de SKOGU vastgelegd is en hoe er gehandeld moet worden. De taken van de contactpersonen zijn de volgende:
-     eerste opvang van- en advies aan de leerling (of diens ouders) die geconfronteerd wordt (worden) met machtsmisbruik;
-     doorverwijzen naar de externe vertrouwenspersoon;
-     zich op de hoogte houden van ontwikkelingen op het gebied van preventie en bestrijding van machtsmisbruik.
 
De taken van de externe vertrouwenspersonen zijn de volgende:
-     consultatiefunctie voor de interne contactpersoon;
-     waar mogelijk en/of wenselijk bemiddelen;
-     doorverwijzen naar de klachtencommissie, stichting KOMM.
 
Deze modelregeling gaat er vanuit dat “lichtere” klachten zoveel mogelijk binnen de school opgelost worden via de leerkracht of directie. Lukt dit niet binnen de school dan wordt er doorverwezen naar het bevoegd gezag. Vervolgens wordt er een commissie samengesteld. De school is aangesloten bij de onafhankelijke klachtencommissie Stichting KOMM in Oss. Wanneer een klacht bij de Stichting KOMM wordt ingediend, stelt deze – voor de behandeling daarvan – een klachtencommissie samen en wijst daaraan een ambtelijk secretaris toe.
De klachtencommissie heeft als taken:
-     het onderzoeken van de ingediende klachten en het daaromtrent rapporteren en adviseren van het bevoegd gezag;
-     het zonodig informatie inwinnen bij andere deskundigen;
-     het gevraagd en ongevraagd adviseren aan het bevoegd gezag over een beleid inzake preventie en bestrijding van machtsmisbruik in het onderwijs;
-     het jaarlijks schriftelijk verslag uitbrengen aan het bevoegd gezag over haar werkzaamheden.
 
De namen van de contactpersonen van onze school, alsmede de externe vertrouwenspersonen worden in de schoolgids vermeld.
 
Klachtenregeling Samenwerkingsverband Uden e.o.
Naast de bovenstaande klachtenprocedure van de SKOGU bestaat er ook een klachtenregeling voor de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL) van het Samenwerkingsverband Uden e.o. (WSNS). Deze regeling is beschreven in het zorgplan, wat op school ter inzage ligt.
 
 
 
 
 
Bijlage 4: Leerplicht  (Bron: Gemeente Uden, afdeling Onderwijs)

 
Doel en inhoud van de leerplichtwet
Leerplicht hangt heel nauw samen met leerrecht, ofwel het recht op onderwijs. Overal ter wereld wordt dit recht als een groot goed beschouwd. Veel landen hechten er zelfs zoveel waarde aan, dat ze de jeugd via een wet verplichten om naar school te gaan. Nederland is één van die landen.
In ons land staan de rechten en plichten van ouders, leerlingen en schooldirecteuren precies aangegeven in de leerplichtwet. Deze wet is, kortweg gezegd, een rechtsmiddel waarmee gewaarborgd wordt dat alle jongeren in Nederland aan het onderwijs kunnen en zullen deelnemen. Het doel van de leerplichtwet is dat jongeren zo goed mogelijk worden toegerust met kennis en vaardigheden, die zij nodig hebben om een zelfstandige plek in de samenleving te verwerven. Een afgeronde schoolopleiding is daarvoor een eerste vereiste.
 
Vanaf welke leeftijd is een kind leerplichtig?
Bijna alle kinderen beleven hun eerste schooldag op vierjarige leeftijd. Hun moeder of vader laat ze bij de juf van groep één achter. Dit is een spannende en belangrijke dag voor de ouders en het kind. De kleuter is op die leeftijd nog niet leerplichtig, maar het is goed voor zijn ontwikkeling om samen met leeftijdgenootjes al naar school te gaan. De echte leerplicht begint op de eerste dag van de maand, die volgt op de maand dat een kind vijf jaar is geworden. Een kind dat bv. op 10 oktober zijn vijfde verjaardag heeft gevierd, wordt op de eerste schooldag van de maand november leerplichtig. Soms is een volledige schoolweek te lang voor jonge leerlingen. Daarom biedt de leerplichtwet een mogelijkheid tot vrijstelling.
Ouders van een vijfjarige leerling mogen, in goed overleg met de schooldirecteur, hun kind maximaal vijf uur per week thuishouden. Mocht dit niet genoeg blijken te zijn, dan mag een directeur daar nog vijf extra uren vrijstelling per week bovenop doen. De mogelijkheid voor vrijstelling is uitsluitend bedoeld om overbelasting van de leerling te voorkomen.
Zodra een kind zes jaar is, geldt de overgangsmogelijkheid niet meer. Zesjarige leerlingen moeten allemaal het volledige onderwijsprogramma volgen.
 
Vrijstelling van geregeld schoolbezoek
In de leerplichtwet staat omschreven, wanneer een jongere de school niet kan/ hoeft te bezoeken. Dit is het geval bij ziekte, schoolsluiting en de vervulling van plichten die voortvloeien uit godsdienst of levensovertuiging. Verder kent de leerplichtwet vrijstelling wegens ‘andere gewichtige omstandigheden’ en zijn de regels voor extra vakantieverlof duidelijk geregeld.
 
De taak van een leerplichtconsulent
Het toezicht op de naleving van de leerplichtwet is opgedragen aan Burgemeester en Wethouders. Zij  wijzen voor de uitvoering van dit toezicht één of meerdere leerplichtconsulenten aan. Dit klinkt strenger dan het is. Leerplichtconsulenten zijn er niet alleen om overtreders van de leerplichtwet vermanend op de vingers te tikken, maar ze vervullen ook een maatschappelijke zorgtaak. Zij hebben daarvoor een goed inlevingsvermogen, waarmee ze zich verplaatsen in de problemen van de schoolgaande jeugd.
Heel soms zijn leerplichtconsulenten genoodzaakt de officier van justitie in te schakelen. Maar zij doen dit alleen als uiterst redmiddel. Het grootste gedeelte van de tijd zijn leerplichtconsulenten actief bezig een oplossing te vinden voor problemen die de schoolloopbaan van een leerling in gevaar kunnen brengen.
Hoe weet een leerplichtconsulent dat een leerling met een probleem zit? Spijbelgedrag is vaak een duidelijk signaal dat er iets aan de hand is met een jongere. De school meldt dit soort ongeoorloofd schoolverzuim gewoonlijk aan de leerplichtconsulent, waarna hij gaat uitzoeken of er een ernstige reden achter het verzuim schuilt. Het komt ook vaak voor dat ouders of leerlingen zelf een afspraak met de leerplichtconsulent maken om een oplossing voor een bepaald probleem te zoeken. De leerplichtconsulent werkt nauw samen met allerlei organisaties en instanties die zich bekommeren over het welzijn van de jeugd, zodat hij goed weet wat voor soort oplossingen er zijn.
 
 
VERLOF (vrijstelling van schoolbezoek)
 
Extra verlof i.v.m. religieuze verplichtingen
Wanneer uw kind plichten moet vervullen die voortvloeien uit godsdienst of levensovertuiging, bestaat er recht op verlof. Als richtlijn geldt dat hiervoor één dag per verplichting vrij wordt gegeven. Indien uw kind gebruik maakt van deze vorm van extra verlof, dient u dit minimaal twee dagen van te voren bij de directeur van de school te melden.
 
Op vakantie onder schooltijd
Voor vakantie onder schooltijd kan alleen een uitzondering op de hoofdregel gemaakt worden als uw kind tijdens de schoolvakanties niet op vakantie kan gaan door de specifieke aard van het beroep van (één van) de ouders.
In dat geval mag de directeur éénmaal per schooljaar uw kind vrij geven, zodat er toch een gezinsvakantie kan plaatshebben. Het betreft de enige gezinsvakantie in dat schooljaar. Bij uw aanvraag moet een werkgeversverklaring worden gevoegd waaruit de specifieke aard van het beroep én de verlofperiode van de betrokken ouder blijken. Verder dient u met de volgende voorwaarden rekening te houden:
-     In verband met een eventuele bezwaarprocedure moet de aanvraag tenminste acht weken van tevoren bij de directeur worden ingediend, tenzij u kunt aangeven waarom dat niet mogelijk was;
-     de verlofperiode mag max. 10 schooldagen beslaan;
-     de verlofperiode mag niet in de eerste twee weken van het schooljaar vallen.
 
Helaas komt het wel eens voor dat een leerling of een gezinslid tijdens de vakantie ziek wordt, waardoor de leerling pas later op school kan terugkomen. Het is van groot belang om dan een doktersverklaring uit het vakantieland mee te nemen, waarin de duur, de aard en de ernst van de ziekte blijken. Zo voorkomt u mogelijke misverstanden.
 
Verlof i.g.v. ‘Andere gewichtige omstandigheden’
Onder ‘andere gewichtige omstandigheden’ vallen situaties die buiten de wil van ouders en/of de leerling liggen. Voor bepaalde omstandigheden kan vrij worden gevraagd, zoals:
-     Een verhuizing van het gezin;
-     het bijwonen van een huwelijk van bloed- of aanverwanten;
-     ernstige ziekte van bloed- of aanverwanten (het aantal verlofdagen wordt bepaald in overleg met de directeur en/of de leerplichtconsulent);
-     overlijden van bloed- of aanverwanten;
-     viering van een 25-, 40- of 50-jarig ambtsjubileum en het 12½-, 25-, 40-, 50- of 60-jarig (huwelijks)jubileum van bloed- of aanverwanten.
 
De volgende situaties zijn geen ‘andere gewichtige omstandigheden’:
-     familiebezoek in het buitenland;
-     vakantie in een goedkope periode of in verband met een speciale aanbieding;
-     vakantie onder schooltijd bij gebrek aan andere boekingsmogelijkheden;
-     een uitnodiging van familie of vrienden om buiten de normale schoolvakantie op vakantie te gaan;
-     eerder vertrek of latere terugkeer in verband met (verkeers)drukte;
-     verlof voor een kind, omdat andere kinderen uit het gezin al of nog vrij zijn.
Verlofdagen worden altijd individueel beoordeeld. Een aanvraag voor verlof wegens ‘andere gewichtige omstandigheden’ dient zo spoedig mogelijk bij de directeur te worden ingediend (bij voorkeur minimaal acht weken van tevoren).
 
Hoe dient u een aanvraag in?
Aanvraagformulieren voor verlof buiten de schoolvakanties zijn verkrijgbaar bij de directeur van de school. U levert de volledig ingevulde aanvraag, inclusief  relevante verklaringen, in bij de directeur van de school. De directeur neemt zelf een besluit over een verlofaanvraag voor een periode van max. 10 schooldagen. Als een aanvraag voor verlof vanwege ‘andere gewichtige omstandigheden’ meer dan 10 schooldagen beslaat, wordt de aanvraag doorgestuurd naar de leerplichtconsulent van de gemeente Uden. De leerplichtconsulent neemt vervolgens een besluit, na de mening van de directeur te hebben gehoord.
 
Niet eens met het besluit
Wanneer uw verzoek om extra verlof wordt afgewezen en u bent het niet eens met dat besluit, kunt u schriftelijk bezwaar maken. U dient een bezwaarschrift in bij de persoon die het besluit heeft genomen. Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en het moet tenminste de volgende gegevens bevatten:
-     Naam en adres van de belanghebbende;
-     de dagtekening (datum);
-     een omschrijving van het besluit dat is genomen;
-     argumenten die duidelijk maken waarom u niet akkoord gaat met het besluit;
-     wanneer het bezwaar niet door u maar namens u wordt ingediend, moet u een volmacht ondertekenen en bij het bezwaarschrift voegen.
 
U krijgt de gelegenheid om uw bezwaar mondeling toe te lichten. Daarna krijgt u schriftelijk bericht van het besluit dat over uw bezwaarschrift is genomen. Bent u het dan nog niet eens met het besluit dan kunt u op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) binnen zes weken schriftelijk beroep aantekenen bij de Arrondissementsrechtbank, sector Bestuursrecht.
Het indienen van een beroepschrift heeft geen schorsende werking. Wel kan de indiener van een beroepschrift zich wenden tot de President van de bevoegde rechtbank met het verzoek een voorlopige voorziening te treffen. Aan zo’n juridische procedure zijn kosten verbonden; voordat u een beroepschrift indient is het raadzaam juridisch advies in te winnen, bv. bij een bureau voor Rechtshulp.
 
Ongeoorloofd verzuim
Verlof dat wordt opgenomen zonder toestemming van de directeur of de leerplichtconsulent wordt gezien als ongeoorloofd schoolverzuim. De directeur is verplicht dit aan de leerplichtconsulent te melden. De leerplichtconsulent beslist of er proces-verbaal wordt opgemaakt.
 
Wilt u meer informatie?
Hopelijk is het belang en de inhoud van de leerplichtwet u een beetje duidelijk geworden. Wilt u meer informatie over de leerplicht, of denkt u dat de leerplichtconsulent u bij een specifiek probleem kan helpen, schroom dan niet om contact op te nemen met de leerplichtconsulent van de gemeente Uden.
 
 
Tijdens het schooljaar organiseren wij activiteiten waarbij wij hulp van ouders inroepen. Soms bestaat die hulp uit het vervoeren van kinderen met de auto, bv. voor wandelingen in Slabroek, bezoek aan de speeltuin of het bijwonen van een theatervoorstelling. Om kinderen zo veilig mogelijk per auto te vervoeren, hanteren wij de volgende richtlijnen:
 
Voorschriften voor het vervoer van kinderen in de auto
-     Kinderen nemen plaats op de achterbank en gebruiken een autogordel of kinderbeveiligingsmiddel (zitje). Bestuurders moeten eigen kinderen onder de 18 jaar en kleiner dan 1.35m in een kinderzitje in de auto vervoeren.
-     Er mogen niet meer kinderen achterin vervoerd worden dan het aantal aanwezige autogordels of zitjes. Dus: Elk kind moet een autogordel dragen of in een kinderzitje plaatsnemen!
-     Kinderen die groter zijn dan 1.50 m mogen voorin plaatsnemen, waarbij het dragen van een autogordel verplicht is!
-     Kinderen die kleiner zijn dan 1.50 m mogen alleen voorin plaatsnemen in een geschikt kinderbeveiligingsmiddel (kinderzitje of stoelverhoger).
-     Indien de auto van een kinderslot is voorzien, verzoeken wij U daarvan gebruik te maken.
-     Zorg ervoor dat de kinderen aan de trottoirzijde in- en uitstappen; houdt u daarbij het portier voor hen geopend. U stapt zelf als laatste in, en als eerste uit, dan heeft u beter toezicht op de kinderen.
-     Het gebruik van alcohol in het verkeer is uit den boze, evenals medicijnen die uw rijvaardigheid kunnen beïnvloeden.
 
Aansprakelijkheid
-     Een WA (Wettelijke Aansprakelijkheid) verzekering voor uw auto is verplicht. Ook is het wenselijk (niet verplicht) dat u een Ongevallen verzekering voor inzittenden of een uitgebreidere Schadeverzekering voor inzittenden heeft afgesloten.
-     De Collectieve Ongevallen Verzekering die voor alle kinderen is afgesloten en die dekking biedt bij ongevallen, is ook van toepassing tijdens bovenbedoelde excursies en uitstapjes. Ook ouders die als begeleider of chauffeur meegaan zijn op dat moment meeverzekerd. Deze verzekering geldt echter niet t.a.v. het voertuig!
-     Een bestuurder blijft te allen tijde zelf verantwoordelijk t.a.v. rijvaardigheidseisen, het voertuig en de wijze waarop personen vervoerd worden. Wanneer zich tijdens bovenbedoelde uitstapjes een ongeval zou voordoen dan kan schade aan uw auto leiden tot verlies van uw No-claim (Bonus-Malus). De school is hiervoor niet aansprakelijk!
 
Tenslotte
Voorkomen is beter dan genezen, hiermee zal iedereen het eens zijn. Wij hopen u duidelijk te hebben gemaakt dat de veiligheid van uw kinderen onze gezamenlijke zorg is en wij hopen ook in de toekomst op uw medewerking te mogen blijven rekenen.
Indien u zich opgeeft als chauffeur bij een uitstapje of excursie, dient u zich goed bewust te zijn van bovenstaande voorschriften. Dit soort activiteiten kan vaak niet plaatsvinden zonder de inzet van ouders.
 
 
 
 
 
Bijlage 6: Aannamebeleid leerlingen met een handicap
 
 
Inleiding
Dit beleidsplan heeft tot doel de regels en afspraken vast te leggen die gelden bij het aannemen van leerlingen met een handicap op onze school. Het gaat hierbij om leerlingen met:
1.   Een visuele handicap;
2.   Een auditief- en taal/spraak handicap;
3.   Een verstandelijke en/of lichamelijke handicap;
4.   Een gedrags-kinderpsychiatrische handicap.
 
Probleemstelling
Steeds meer ouders van kinderen met een handicap willen dat hun kind liefst op een gewone school onderwijs volgt. De wens van ouders om hun kind te laten integreren in het reguliere onderwijs, is startpunt geweest van het beleid om te komen tot leerling gebonden financiering, ook wel het rugzakje genoemd.
Het idee is om voor kinderen die aan bepaalde criteria voldoen (een geïndiceerde leerling), een leerling gebonden budget beschikbaar te stellen, waardoor ouders kunnen kiezen voor onderwijs op een speciale school of op een gewone basisschool.
Onze school is in beginsel niet toegerust om onderwijs te bieden aan leerlingen met een handicap. Als wij bereid zijn om gehandicapte leerlingen aan te nemen, zullen wij ons onderwijs moeten afstemmen op de behoefte van de leerling met de handicap. Dat houdt in dat er binnen het leerling gebonden budget mogelijkheden gezocht moeten worden om het kind die hulp te kunnen geven die het nodig heeft. Daarnaast zal gekeken moeten worden in hoeverre we in bepaalde tijd deskundigheid binnen het team kunnen vergroten.
Basisscholen kunnen ondersteund worden door regio-nale expertisecentra (REC). Deze centra ondersteunen ouders bij het zoeken van een basisschool voor hun kind. De leerkrachten in het basisonderwijs worden door het REC begeleid bij de uitvoering van het onderwijsprogramma.
Door het WSNS-beleid zijn de verschillen tussen leerlingen op basisscholen steeds groter geworden. Daardoor krijgen leerkrachten steeds meer te maken met individualisering en differentiatie (adaptief onderwijs). Plaatsing van een leerling met een handicap vereist dat leerkrachten nog verdergaand ‘onderwijs op maat’ moeten kunnen toepassen. Daarvoor is scholing en begeleiding nodig, en lesmethodes en werkwijzen, die rekening houden met de nog grotere verschillen binnen de groep.
  
Beleidsuitgangspunten
-     De ouders en de school moeten het samen eens zijn over de in dit beleidsstuk bepaalde condities.
-     Bij het toelaten van een leerling met een handicap is en blijft de klassensituatie voor deze leerling en andere leerlingen werkbaar.
-     De beslissingsbevoegdheid over de toelating ligt bij de school.
-     De ouders moeten bij aanmelding volledige toestemming aan de school geven om alle onderzoeken en informatie van hun kind in te mogen zien.
-     De school motiveert, indien een kind niet toegelaten wordt, waarom dat kind niet toegelaten wordt.
-     Jaarlijks zijn er evaluatiemomenten.
-     Bij de beoordeling of toelating van een aangemelde leerling met een handicap mogelijk is, spelen navolgende toelatingscriteria een rol.
 
Toelatingscriteria
Onze school kent zijn onderwijskundige beperkingen en grenzen met betrekking tot de speciale zorg voor leerlingen. Daarom zijn er criteria opgesteld die door de school gehanteerd zullen worden bij het komen tot een besluit tot toelating op onze school. Er wordt steeds per kind bekeken of het toelaatbaar is. Wij hanteren de volgende toelatingscriteria:
-     De kennis en de vaardigheden waarover de leerkrachten op het moment van toelating met betrekking tot de problematiek beschikken.
-     De materiële en gebouwtechnische beperkingen die de school heeft.
-     De groepssamenstelling is zodanig dat een leerling met een handicap opgevangen kan worden.
-     We nemen binnen één groep niet meer dan één leerling met een handicap tegelijk aan.
-     Met hulpmiddelen moet de leerling redelijkerwijs ons onderwijs kunnen volgen.
-     Er zijn bindende afspraken met ouders te maken in geval het niet lukt op onze school.
-     Indien een groep aan de maximale belasting zit, wordt er binnen die groep geen leerling met een handicap geplaatst.
-     Gegevens van onderzoeken en observaties door externe instanties en de intern begeleider, spelen een rol bij het bepalen van de toelaatbaarheid.
-     De gegevens van het REC en van de genoemde onderzoeken en observaties leiden tot de volgende positieve indicaties:
-     Er moet een redelijke inschatting gemaakt kunnen worden voor de toekomst van de leerling op onze school.
      -     De verwachting is dat de leerling leerbaar is. Hij/ zij beschikt over een redelijke intelligentie.
      -     De leerling kan zelfstandig naar het toilet gaan.
      -     De leerling kan zich aan afspraken houden.
      -     De leerling vormt geen gevaar/ bedreiging voor andere leerlingen of voor zichzelf.
      -     De leerling kan zich duidelijk maken, in woord of gebaar.
      -     De leerling behoeft geen permanent toezicht.
      -     De leerling vraagt slechts om beperkte aandacht van de groepsleerkracht.
 
-     Van de ouders verwachten we een grote betrokkenheid zoals:
      -     Er is een open houding naar de school.
      -     Openheid van zaken bij de aanmelding van de leerling.
      -     Reële verwachtingen van de leerling.
      -     Reële verwachtingen van de school.
      -     Ouders moeten de school in de gelegenheid stellen externe deskundigen in te schakelen.
      -     Ouders dienen relevante gegevens beschikbaar te stellen voor de school.
      -     Ouders moeten accepteren dat op enig moment (wellicht) de grenzen aan onze zorg worden bereikt.
 
Toelatingsprocedure
-     Ouders van een leerling met een handicap stappen rechtstreeks naar de Commissie van Indicatie (CvI) met de vraag of hun kind in aanmerking kan komen voor speciaal onderwijs of voor een leerling gebonden budget.
-     De CVI beoordeelt op basis van landelijke, objectieve criteria, of desbetreffend kind op een vorm van speciaal onderwijs is aangewezen. Luidt het oordeel dat het kind speciale voorzieningen nodig heeft, dan heeft het recht op een leerling gebonden rugzak en kunnen ouders kiezen voor speciaal of regulier onderwijs.
-     Indien ouders kiezen voor regulier onderwijs, dan kunnen zij hun kind aanmelden op onze school.
-     De directie en/of intern begeleider bekijken samen met de ouders welke extra voorzieningen benodigd zijn en wat de mogelijkheden van de school zijn om daarvoor te zorgen. Dit kan betekenen dat het gebouw aangepast moet worden.
-     Nadat de directie en/of intern begeleider en één van de groepsleerkrachten zich verdiept hebben in de problematiek van de aangemelde leerling, en zij en de ouders zijn het eens over het feit dat onze school de leerling zou moeten kunnen opvangen, zorgt de directie ervoor dat de aanmelding in een teamvergadering wordt besproken.
-     Alle leerlingen met een handicap zullen slechts worden toegelaten als over desbetreffende toelating in een teambespreking consensus wordt bereikt.
-     Een leerling met een handicap zal slechts worden besproken als een CvI desbetreffende leerling heeft geïndiceerd voor een leerling gebonden budget.
-     De school beslist over de toelaatbaarheid door haar eigen criteria te toetsen aan de verkregen informatie.
-     Conform de regelgeving ontvangen de ouders binnen 6 weken na aanmelding een beslissing over de vraag of het kind toelaatbaar is op onze school.
-     Bij weigering zal aan de ouders een duidelijke motivatie worden voorgelegd.
-     Als een kind wordt aangenomen wordt er door de school i.s.m. de ouders en/of het REC een handelingsplan opgesteld. Het plan bevat in ieder geval:
      -     Het niveau van de leerling op het moment dat het handelingsplan tot stand komt;
      -     De onderwijsdoelen (kerndoelen basisonderwijs of specifieke doelen), die de school voor de leerling nastreeft;
      -     Welke maatregelen de school neemt (bijv. individuele begeleiding, remedial teaching);
      -     Welke externe deskundigen worden ingeschakeld;
      -     Welke speciale voorzieningen worden getroffen;
      -     De manier waarop het leerling gebonden budget wordt ingezet;
      -     De manier waarop de vorderingen van de leerling worden gevolgd en geregistreerd;
      -     De manier waarop en hoe vaak de school en ouders overleg hebben.
-     Nadat de ouders dit document hebben ondertekend, wordt het kind definitief tot onze school toegelaten.
 
 

 
 
Onderdeel van SKOGU
 
Bosveld 118 - 5403 AG Uden
T 0413-332344 E spring@wish.net